Tekening kind animatieshirt

Mega-update van l’Etang de Fouché: Even drie weken inhalen

In 2014 door Manon LuinenburgReageer

Mijn vorige blog is inmiddels alweer 3 weken geleden (schaam schaam). Ook het dagboek dat ik eerst bijhield is langzaam gestopt. Overigens betekent dat niet dat er niks te vertellen is. Over bijna elke dag valt wel iets spannends/cools/grappigs of interessants te vertellen. Nu wordt niemand echt gelukkig (inclusief ikzelf) als ik elke dag ga beschrijven, dus ik zal het maar bij houden bij ‘een paar’ gebeurtenissen. Waarschuwing: dit wordt een lang blog. Mocht je hier niet tegen bestand zijn, hierbij mijn oprechte excuses.

Wat is er nu allemaal gebeurd in die drie weken radiostilte? Nou, Loïc en ik hebben een musical (de Lion King), een spooktocht met bijna 100 deelnemers, een kindershow met als thema cowboys en indianen en het feest van de camping achter de rug. Deze activiteiten zijn alleen al verhalen op zichzelf. Daarover straks meer 😛 Verder is er een stalk-Manon-groep (bestaande uit vier jongens die me bij elke stap volgden) en een Manonfanclub (bestaande uit twee meisjes die een dagboek bijhielden over mij) opgericht. De clubs zijn overigens ook weer opgeheven, aangezien de leden weer naar huis gingen (sterker nog: ik werd om zeven uur ’s ochtends uit mijn bed getrommeld door de helft van mijn stalkergroep om de andere helft uit te zwaaien op hun dag van vertrek). Ik ben ondertussen ook verdwaald in Arnay-le-Duc, wat zo’n beetje de kleinste stad van Frankrijk moet zijn. Verder heb ik een Frans strandfeestje met mijn Franse collega’s achter de rug, heeft Loïc een Nederlands liedje gezongen bij de karaoke (zijn versie van ‘Kom van dat dak af’ is werkelijk briljant) en heb ik samen met hem een Frans nummer gezongen (hilarisch), heb ik afgrijselijk veel chocoladebroodjes gegeten de afgelopen drie weken (maar ze zijn zooooo lekker),  heb ik afscheid moeten nemen van Nathalie, de vriendin van Loïc, heb ik twee kaartavonden gehad met de helft van mijn stalkerclub, heb ik een prachtig zelfportret gekregen, ben ik tweemaal ten huwelijk gevraagd door een Franse collega (eh, nee dus), hebben Loïc en ik een Franse collega verrast op haar verjaardag, heb ik inmiddels drie weddenschappen verloren van Loïc (en ben ik hem dus nog steeds twee biertjes schuldig) en ben ik na de splashdance talloze keren in het zwembad gegooid door de kinderen en als het hen niet lukte, waren ouders of Loïc niet te beroerd om een handje te helpen.

Toch vinden de kinderen één keer per dag in het zwembad niet genoeg en ze proberen dan ook elke gelegenheid te benutten om Loïc of mij een nat pak te bezorgen (het liefst allebei natuurlijk). Waterspelletjes waarin het niet de bedoeling is om water over mensen heen te gooien, eindigen vaak voor ons met natte kleren. Maar dat is niet het enige. Zo werden Loïc en ik op een vrijdag aan het eind van de miniclub gevangen in een stel hoepels. De kinderen probeerden ons hierin mee te slepen naar het zwembad en dat lukte ze best aardig. Het is vrij ingewikkeld te ontsnappen uit een stel hoepels waar zo’n tien kinderen van alle kanten aan trekken.  Loïc wist te ontsnappen door een ‘hey, kijk daar eens’ in te zetten, maar ze vingen hem vrij snel erna weer en ze trapten niet nog eens in hetzelfde grapje (‘Jongens, niet kijken als Loïc zegt kijken!’). Net voor het zwembad wisten Loïc en ik ze te overtuigen terug te gaan naar de miniclub met de belofte dat ze ons ’s middags na de splashdance in het water mochten gooien…  Dit soort verhalen beleef je hier elke dag, maar nu eerst terug naar de ‘grote gebeurtenissen.’

Mensen die mij een beetje kennen, zijn op de hoogte van het feit dat ik een zeker gebrek aan gevoel voor richting heb. Ikzelf noem het ook wel eens ruimtelijk gehandicapt. Ik kan de weg gewoonweg niet onthouden en daarbij faalt mijn gevoel voor richting ook nog eens enorm. Het stuurt me volledig willekeurige kanten op. Toch besloot ik heel dapper om op eigen kracht de grote boze wereld in te trekken, ofwel op weg te gaan naar Arnay-le-Duc. Populatie: zo’n 1800 inwoners (heb ik opgezocht). Vrolijk begon ik aan mijn tocht en tot mijn grote verbazing wist ik zelfs de supermarkt binnen korte tijd te bereiken (oké, misschien dat de bordjes daar een kleine rol in hebben gespeeld). Na heel Frans crêpes te hebben ingeslagen en iets minder Frans een flesje cola met mijn naam (hoera!), begon ik vol goede moed  aan de terugtocht. Deze verliep iets minder voorspoedig, want moest ik nu links of rechts? Ik was links afgeslagen bij dat huis met die luiken. Oh, alle huizen hier hebben luiken. Maar bij dit huis was de verf van de luiken afgebladderd. Hmm. Dat hebben ze ook allemaal. Dan loop ik wel gewoon een stukje die kant op. Ik herken de weg vanzelf wel. Dit ziet er niet bekend uit. Ik loop weer terug. Hmm, dit ziet er dan wel weer bekend uit. Misschien herkende ik het net niet, omdat ik heen via de andere kant kwam. Oh, hier was dat huis met dat hek en daar in de verte was de kerk. Had ik die nu in mijn rug de vorige keer? Of zie ik hem nu van een totaal andere kant? Laat ik maar teruglopen. Dit ziet er weer bekend uit, maar is dat omdat ik hier eerder ben geweest, of omdat ik net al ben teruggelopen? Na ongeveer een uur rondgedoold te hebben, waarin ik steeds dingen wel of niet meende te herkennen, kwam ik ineens (totaal onverwacht) uit bij de hoofdweg. Dat was wel prettig, want in mijn hoofd was ik al bezig met een ‘wat als.’ Wat als ik de weg niet terug zou kunnen vinden? Ik kon moeilijk de regio van Team4Animation bellen met een ‘Hey, ehm, ik ben verdwaald in Arnay-le-Duc, kunnen jullie me helpen? Misschien kunnen jullie iets doen met Google Maps?’ Zelf heb ik namelijk een oude mobiel zonder gps of internet, dus daar kon ik ook niks mee. Het nummer van de camping had ik niet en ik kon ook echt niet bij mijn baas aankomen met een ‘ik ben verdwaald in Arnay-le-Duc.’ Nu zou hij het niet (heel) erg vinden om me eventueel op te halen, maar ik zou het eeuwig te horen krijgen… en al mijn Franse collega’s zouden het niet lang erna ook weten (en uitlachen, want kom op.. zo groot is het niet). De camping bellen was dus geen optie, als ik het nummer al had! Gelukkig was dit alles dus niet nodig. Mijn persoonlijke verdwaaltocht heb ik overigens ook maar niet meegedeeld aan Loïc. Dan zou ik echt keihard worden uitgelachen.

 

Na dit avontuur stond de organisatie van de musical de Lion King op het programma. In de miniclub hebben we hard gewerkt aan de decoratie, je moet letterlijk van niks iets maken. Enerzijds voelt dat onmogelijk en anderzijds is het best een uitdaging. En hoe goed je een kindershow ook probeert voor te bereiden, je komt aan het eind toch altijd weer voor verrassingen te staan. Zo durfden een paar hoofdrolspelers ineens niet meer, wilden andere kinderen ineens wel meedoen zonder ook maar geoefend te hebben of wisten kinderen ineens niet meer wat ze moesten doen. En Loïc en ik maar gebaren en meedansen vanaf onze plek aan de zijkant. Dat is wel stressen, maar als het er dan uiteindelijk min of meer een versie van de Lion King op het toneel staat en de kinderen na afloop dolenthousiast naar hun ouders toerennen en je van alle kanten te horen krijgt dat het goed was, vergeet je al het gedoe in één keer. Al die trotse gezichtjes om je heen…

Kort na de musical werd ik benaderd door een stel jongeren. Of er dit jaar ook een spooktocht zou zijn. Eh spooktocht? Ja, het moest echt, want die van vorig jaar was legendarisch geweest. Zo eng dat er kinderen huilend naar huis waren gegaan. Dus de spooktocht moest en zou er dit jaar ook komen.  Ik moest maar even met Paul gaan praten. Na een kort gesprek met Paul bleek dat hij vorig jaar samen met de vorige animatrice (Fleur) een spooktocht had opgezet waaraan zo’n zestig kinderen hadden deelgenomen. Een aantal van de vrijwilligers van vorig jaar waren dan ook speciaal teruggekomen om dit jaar de spooktocht nog eens over te doen. Paul had ook zo een heel stel nieuwe families bij elkaar gevonden die ook wel wilden helpen met het opzetten van de spooktocht. We begonnen de inschrijvingen en rekenden op een man of zestig, zeventig maximaal, maar uiteindelijk bleken er zo’n honderd deelnemers te zijn. Dat maakte het allemaal nog veel cooler om te organiseren!

Het verhaal van de spooktocht was dat er zo’n honderd jaar geleden een groep van dertig kinderen op pad waren gegaan. Hiervan waren er uiteindelijk drie verdwenen. Vijftig jaar later was er een groep van veertig kinderen. Hiervan verdwenen er uiteindelijk vier. Nu waren we honderd jaar later met ruim zeventig man…  Om het allemaal ook nog wat enger te maken, werd er ook nog wat vertelt over de kleinzoon van een slager die mensenvlees in zijn winkel zou verkopen…

We gingen op weg in zeven groepen die op verschillende tijden vertrokken, de kleintjes als eerste (ik mocht met de kleintjes mee: jippie!). Van elke groep werd er één kind gekidnapt tijdens de spooktocht zodat er in de groepen paniek zou ontstaan. Deze kinderen belandden uiteindelijk allemaal bij de slager. Ondertussen kwamen de kinderen allerlei enge dingen tegen (een dakkoffer fungeerde bijvoorbeeld als lijkkist en hier kwam een mummie uit, iemand die aan een rek gespijkerd werd, een man met een kettingzaag) en de hele avond was het gegil en gekrijs om het meer heen te horen.  Het was een ontzettend succes en mensen bleven er maar over napraten. Naast dat het ontzettend cool was om dit op te zetten, was het ook indrukwekkend om te zien hoeveel energie, creativiteit en moeite de vrijwilligers in dit project staken. Heel leuk om deel te zijn van zoiets!

 

Nu heb ik ongeveer verteld wat er zich in twee weken heeft afgespeeld, ik ben nu bij afgelopen week beland :p Opnieuw was dit een drukke week. Naast dat er een kindershow op de planning stond, hadden we ook een campingfeest. Twee grote dingen dus. Op zulke dagen kan het dan zijn dat je meer dan twaalf uur non-stop werkt. Maar het is wel heel leuk allemaal! De kindershow was een verhaal over cowboys en indianen. Opnieuw kwamen we weer voor verrassingen te staan. Zo wilden alle cowboys ineens indiaan zijn, waren er ineens een heleboel nieuwe kinderen die ook mee wilden doen en haakten anderen weer af. Echt controle heb je er niet op, maar als je gewoon rustig blijft dan valt alles wel op te lossen. Gewoon snel indianentooien nieten, meer kinderen schminken, met de nieuwe kinderen kort het verhaal en de dansjes doorlopen en bam, dan moet je op. De show verliep vlekkeloos, maar toch konden Loïc en ik niet echt nagenieten. We waren gelijk met ons hoofd bij de voorbereidingen van de volgende dag: het campingfeest. We zouden buiten allemaal spelletjes doen (de Olympische Spelen), maar een hoosbui gooide roet in het eten. Dan maar naar binnen. En dan maar nieuwe spelletjes verzinnen. Zo simpel kan het eigenlijk zijn. Kort na de spelletjes begon de zon weer te schijnen en werd het warm. Precies op tijd voor de ballonoplating. Eigenlijk heb je niet echt tijd om na te denken of je zorgen te maken over iets, je rent gewoon van activiteit naar activiteit.

Gisteren gingen we met de kids van de miniclub bootjes maken en ze testen in het zwembad. Superleuk om te doen, al moet je de kinderen wel echt in de gaten houden. Het was zo warm dat twee kinderen gewoon met hun kleren aan het zwembad inwandelden om hun boot te redden toen die omsloeg :p Voor de avond stond ten slotte de karaoke op het programma. Zoals eigenlijk elke vrijdagavond. In het begin vond ik het doodeng om te moeten openen (ik weet nog hoe blij ik was dat ik de eerste keer niet hoefde), inmiddels ben ik ook stand-in. Dat wil zeggen dat ik zing op het moment dat een kindje niet meer durft (kinderen zijn hier echt bijna de enigen die willen of durven zingen, wat betekent dat elk liedje van Frozen elke week voorbij komt). Stand-in betekent ook  dat ik meezing met een ieder die wil zingen, maar niet alleen durft. Dingen wennen zo snel. Het is ook leuk om te zien hoeveel gemakkelijker dingen nu gaan, gewoon doordat je er meer vaardigheid in krijgt. Nu nog twee weken. Aan de ene kant voelt dat als een eeuwigheid, aan de andere kant vliegt de tijd zo voorbij. Heel dubbel. Aan de ene kant ben ik aan het aftellen, ik mis mijn vrienden en familie, aan de andere kant kan ik niet geloven dat dit over twee weken allemaal ineens voorbij is. Zo bizar.

 

P.s. Ja, dit is dan echt het einde van deze blog (eindelijk). Nogmaals mijn excuses voor de lengte ervan :p

 



Onze blogger
Manon Luinenburg

Manon Luinenburg

Salut, je m’appelle Manon en ik kom uit Nijmegen. Mijn koffer staat klaar voor een top zomer op camping Etang de Fouché in La France.

Iets voor jou? Check onze laatste vacatures.


Delen maar!